Cashewboom
Anacardium occidentale
Kasjoeboom
DE CASHEWVRUCHTEN EN -PRODUCTEN
BLOEIENDE KASJOEBOOM | ANACARDIUM OCCIDENTALE ©2018 FOTO: RENJU

CASHEW

De kasjoe- of acajouboom (Anacardium occidentale) is een Zuid-Amerikaanse boom waarvan de vruchten naar de Engelse benaming van de boom cashewnoten genoemd worden.

De kasjoeboom is groenblijvend. Hij wordt 12 tot 20 meter hoog en heeft een relatief korte, grillig gevormde stam, die op manhoogte vertakt. De bladeren zijn net als de bladeren van een vijg leerachtig. De kroon is breed, in een enkel geval zeer breed, tot wel 25 meter breed. Het wortelstelsel is eveneens breed, waardoor de boom onder uiteenlopende bodemcondities groeit, zelfs in drogere gebieden. De boom gedijt het best, en geeft de beste oogsten, wanneer de grond goed waterdoorlatend is.

Hij draagt schermen van roze-gestreepte, gele bloemen, en geeft vanaf het derde tot vierde jaar vruchten. De vruchtvorming is uitzonderlijk. De vrucht die de cashewnoot bevat is een gekromd en niervormig en lijkt qua vorm op de cashewnoot, het zaad van de vrucht. Een boom levert gemiddeld 7 tot 11 kilogram noten per jaar, gedurende 15 à 20 jaar.

De zaadsteel zwelt tijdens de rijping van de eigenlijk vrucht op, tot een 5 tot 10 cm grote peervormige schijnvrucht, de cashewappel, die in tegenstelling tot de boonvormige vrucht niet giftig is. De echte vrucht is dat wel. De schil daarvan bestaat uit een taaie buitenste laag en een sponzige binnenste laag, welke laatste een bijtend zuur bevat.

In de natuur komen twee soorten cashew voor, de gewone cashew en de dwergcashew. Daarnaast zijn er wereldwijd enkele honderden cultivars. Hoewel de dwergcashew kleiner is dan de gewone cashew, is dat niet het belangrijkste dat deze soort onderscheidt. Hij groeit eerder in het jaar, maar geeft eerder vruchten, hoewel de productie lager is dan die van de gewone cashew. Deze geeft een jaarlijkse oogst van zo'n 100 kilogram, de dwergcashew zo'n 65 kilogram. De cashewnoten van de gewone cashewboom hebben een nogal uiteenlopend gewicht, van 3 tot 33 gram. Bij de dwergcashew is de bandbreedte aanzienlijk kleiner, variëren de noten van 3 tot 10 gram.

Culinair gebruik en bereiding

De cashewappel wordt direct na de pluk verwerkt tot jam, gelei, azijn, wijn of distillaat, zoals het Indische feni.

Aan de cashewnoot, het zaad van de echte vrucht is een apart artikel gewijd.

Bewaren

De cashew-appel wordt per definitie rijp geplukt, en is daarna hoogstens een etmaal goed te houden. De vrucht is zeer kwetsbaar, barst onvermijdelijk wanneer hij gestapeld wordt. Hierdoor wordt hij nauwelijks verhandeld, en direct na de pluk verwerkt.

Oorsprong en verspreiding

Ondanks vele beschrijvingen van de cashewplant in de geschiedenis is niet duidelijk wat de oorsprong van de boom is, mede doordat het onderscheid tussen de wilde en de gecultiveerde soort in die beschrijvingen niet duidelijk is.

Cashewbomen groeien in een gebied tussen de 27e noordelijke lengtegraad en de 28e zuidelijke lengtegraad, in het bijzonder in de kustgebieden van Brazilië. Ondanks de concentratie van cashewbomen in de Amazone en de Cerrados neemt men aan dat ze van oorsprong niet uit die delen van Brazilië komen, maar uit het noordoosten van het land.

In de 17e eeuw is de plant door de Portugezen naar India en Afrika gebracht, en daar aangeplant tegen erosie. Pas rond die tijd ontdekt men de cashewnoot ook als voedsel en als medicijn.

Hoewel het leeuwendeel van de cashewteelt gericht is op de productie van de cashewnoot en de winning van olie en zuur uit de schil van de vrucht, worden ook kasjoebomen verbouwd omwille van de cashew-appel. Ook wordt in toenemende mate gebruik gemaakt van de onrijpe appels, die tot recent als onbruikbaar afval van de notenindustrie werden beschouwd.

Taalkundige aspecten, etymologie

De naam van de boom is door de Portugezen ontleend aan het Tupí-Guaraní, een Zuid-Amerikaanse inheemse taalgroep. In veel talen komt dit woord, acaju of caju in de huidige benaming terug. In het Frans betekent acajou zowel cashew als mahonie, als gevolg van de verwarring die in de 17e eeuw is ontstaan over de inheemse benamingen van beide houtsoorten, respectievelijk acaju en agapu.

In de 17e eeuw werd de schijnvrucht van de kasjoeboom in het Nederlands acasjou-appel genoemd, waar nu vrijwel uitsluitend de Engelse benaming wordt gebruikt: cashew-appel of -noot.

De naam van de olie die de schil van de vrucht bevat (cardol) is samengesteld uit het middensegment botanische soortnaam anacardum en het Latijn voor olie, oleum.

VERTALING CASHEW (BOOM)

engels
cashew tree
frans
cajou
italiaans
cagiú
spaans
cajú
duits
acajoubaum
arabisch
kaju كاجو
hindi (india)
kashyu
indonesisch
mete
vietnamees
hạt điều
japans
kashū カシュー
chinees
yāoguǒ 腰果

DUURZAAMHEID

De productie van cashewnoten op plantages vraagt relatief weinig water. Slechts 1% van de bijna 3,5 miljoen hectare cashewplantages in de wereld maakt gebruik van irrigatie. Daar tegenover staat een gemiddeld traditionele teelt, waarin weinig technische ontwikkeling zit.

Om de huid te beschermen zouden de plukkers beschermende kleding, op zijn minst handschoenen moeten dragen. Maar in India en Pakistan lijkt dat een te grote uitgave voor de plantage-eigenaren en de cashewfabrieken, en eist men dat de werknemers de beschermende kleding uit eigen zak bekostigd. Met de lage beloning die zijn voor hun zware werk krijgen, is dat voor de meesten niet haalbaar.

De omstandigheden in Vietnam zouden volgens Human Rights Watch nog erbarmelijker zijn. Daar is ook sprake van tewerkstellingsprojecten (dwangarbeid) voor drugsverslaafden in de cashew-industrie, die dagen van tien uur en meer maken, zonder beschermende kleding te krijgen aangeboden. HRW rapporteert hierover al vele jaren (o.a. in The Rehab Archipelago), maar de praktijk is nog dezelfde. Er zouden zich 40.000 mensen in zulke werkkampen bevinden.

Ook de situatie elders is zorgwekkend. Het Amerikaanse departement voor werkgelegenheid (Department of Labour) heeft nog maar recent ernstige .verdenkingen geuit van kinderarbeid op de cashewplantages in Brazilië en Guinee Bissau.

En als consument ? De beste manier om iets te ondernemen tegen deze 'bloed-cashews' is alleen cashewnoten van betrouwbare oorsprong te kopen, zoals onder Fairtrade-label. Het prijsverschil is aanzienlijk, maar dat kan niet anders gegeven de geschetste standaard-arbeidsomstandigheden.

Zij het schoorvoetend treedt ook in India mechanisatie van het pellen op. Een peller verwerkt met de hand ongeveer 20 kilogram noten per uur, dat is 10% van de productie van een gemiddelde pelmachine. De transitie naar mechanisch pellen is vanzelfsprekend een zegen voor de gezondheid van de werkers in de cashewindustrie, maar - vergeet niet - heeft een enorme sociale impact.

BRONVERMELDING UPDATE AUGUSTUS 2019

Cashew production | FAO Cashewnut commodities | The public Ledger Physiology of cashew plants grown under adverse conditions | M. Bezerra in Scielo Feb 2008 Extraction of Polyphenols from Cashew Nut Shell | M. Obichukwu, Chemical Engineering Department, Federal University of Technology, Minna, Nigeria Anacardium occidentale | Hort Purdue, James A. Duke. 1983. Handbook of Energy Crops Anacardium occidentale | Plants for a future Raw cashews | Real raw foods Anacardium occidentale | Useful tropical plants Know what you eat: cashew, raw | Nutrition Data self Cashewnoot | Etymologiebank M. Philippa e.a. (2003-2009) Etymologisch woordenboek van het Nederlands 'Blood cashews': the toxic truth about your favourite nut | B. Wilson 04 May 2015, Telegraph Cashew nut workers suffer 'appalling' conditions as global slump dents profits | L. Lamble, 02 Nov 2013 The Guardian From Vietnam's Forced-Labor Camps: 'Blood Cashews' | A. Marshal, 06 Sep 2011 Time
Deze site is in bewerking, waardoor foto's kunnen ontbreken of links niet werken. Excuus daarvoor. De site wordt herbewerkt na een aanslag op de site door copyright-jagers begin 2019.