Lotus
Nelumbo nucifera
LOTUS
LOTUSPRODUCTEN
LOTUS | NELUMBO NUCIFERA

HEILIGE LOTUS

De Heilige lotus is een veelzijdige plant waarvan nagenoeg alle delen als voedsel gebruikt worden. Daarnaast is het een mythische plant die zeer tot de verbeelding spreekt.

Het stereotype beeld van de lotus is dat van een drijvend blad met blinkende waterdruppeltjes en een bloem die uit het water lijkt te ontspruiten. De 'drijvende' bladeren en bloemen zijn een fase in de ontwikkeling van de plant, die begint de vorming van het wortelstelsel op de bodem en eindigt het afsterven van de bladeren en bloemen die hoog boven het water uit torenen.

De lotus is een waterplant. Er zijn twee lotussoorten, de Nelumbo nucifera, ook wel Indische lotus genoemd, de heilige plant - waarover dit artikel gaat - in het Hinduïsme en Boedhisme, en de Nelumbo lutea of Amerikaanse lotus. De overige soorten zijn uitgestorven. De Egyptsche 'lotus' of nenuphar (Nymphaea lotus) is geen echte lotus, al worden ook van deze plant de op de lotus-rhizomen gelijkende wortels in bepaalde delen van Afrika gegeten.

De Nelumbo lutea kan wel duizend jaar oud worden. De zaden zijn ongewoon sterk. Ze kunnen lange tijd overbruggen alvorens te ontkiemen. In een meer in het noordoosten van China is lotuszaad gevonden dat duizend jaar tot vijftienhonderd jaar oud was, en nog in staat bleek om te ontkiemen. Geen ander zaad kent - voorzover bekend - een dergelijke lange kiemkracht.

In de commerciële lotusteelt is men geïnteresseerd in alle delen van de plant, de bloemen, de zaaddozen, de zaden, de stelen, de rhizomen. Om deze optimaal te oogsten, grijpt de boer in in het natuurlijk groeiproces, door in de zomer de bladeren en de stelen weg te snijden. De plant wordt hierdoor geprikkeld om reserves aan te leggen, waardoor de rhizomen zich sterk ontwikkelen.

De gehele oogstperiode van de lotus beslaat de periode van juli tot maart, begint met wegsnijden van bladeren en stelen, en eindigt wanneer de laatste rhizomen geoogst worden, en het veld leeg is vor het planten van nieuwe lotus.

Lotus kan vermeerderd worden uit zaad en uit een stukje rhizoom, mits dat het 'oog' bevat, de aanzet voor de beworteling. Voor iedere hectare lotus is 45 kilogram van zulke rhizoom-stukjes nodig of 10-12 kilogram zaad. De planten worden vrij ver uit elkaar ingeplant, rekening houdend met de omstuimige groei van de rhizomen. Deze worden na 6 tot 9 maanden geoogst.

ANATOMIE VAN DE PLANT

De lotus heeft een 'kruipend wortelstelsel' of rhizoom, een ingenieus systeem op de bodem van het water waarin alle bestanddelen voor de groei van de plant zijn opgeslagen.

Het lotusrhizoom is opgebouwd uit segmenten van 10 à 15 cm lengte. Aan het oog - het ene uiteinde van het rhizoom-segment groeien de wortels waarmee de plant aan de bodem verankerd is, aan de knoop (nodium) - aan het andere uiteinde - groeien de scheuten.

Naast dat het rhizoom de opslagplaats is voor de elementen waaruit de plant kan bestaan, scheuten (stengels), bladeren en bloemen bevatten, is het rhizoom de opslag voor voedsel en water. Onder natuurlijke omstandigheden wordt dit reservoir gevuld zodra de plant in het najaar in ruste gaat.

De Nelumbo nucifera beschikt over een ingenieus systeem van kanalen, die vanuit de knopen van het rhizoom via de stengels door de bladeren lopen. Het blad beschikt over een open einde, de 'navel' genoemd. Doordat het blad opwarmt, ontstaat er druk in neerwaartse richting, naar het rhizoom. Men neemt aan dat de plant zelf vervolgens regelt hoe deze gastroom te reguleren, terug te dirigeren naar de bladeren en/of gas vrij te laten via de navel in het blad. daarvoor wordt gebruik gemaakt van stomata, die 's ochtends open staan, rond het middaguur sluiten en in de loop van de middag weer geopend worden.

De stengels van de lotus en de rhizomen zijn vezelrijk. De vezels zijn zo sterk, dat ze tot garen gesponnen kunnen worden, lotuszijde genoemd.

Het rhizoom hecht zich aan de bodem door middel van haarwortels aan het uiteinde van het rhizoomsegment. hoe het komt dat rhizoom benut deze niet per definitie alle. Hoe het komt, weet men niet, maar op de ene steel vormt zich wel een bloem, op de andere niet.

HET BLAD

Onderweg naar zijn eindvorm, een plant met grote bekervormige bladeren op stelen en gesteelde bloemen, vormt de lotus drie soorten bladeren, eerst de kleine, muntgrote blaadjes onder water, dan de 50-60 cm grote hartvormige bladeren die op het water rusten en als klap op de vuurpijl vormt de lotus de donkergroene, bekervormige bladeren die hoog op de steel staan.

Het lotusblad is beroemd om zijn zelf-reinigend vermogen, dankzij het superhydrofobisch oppervlak. Dat stoot water af, in die mate dat het water lijkt te worden afgestoten, en boven op het blad blijven liggen. Door de bewegingen van het blad, beweegt het water over het oppervlak van het blad, en houdt het blad schoon. Dit zelfreinigend vermogen wordt het 'lotus-effect' genoemd.

Ieder najaar verliest de lotus zijn bladeren, als deze met het oog op het oogsten van de wortels niet al eerder met stengel en al afgesneden zijn, want wanner de plant in ruste is, nemen de wortels nieuwe energie op voor het komende groeiseizoen.

DE BLOEM EN DE ZAADDOOS

De lotus bloeit het hele seizoen. Vanuit het rhizoom ontspruiten de bloemenvolgens een schijnbaar willekeurig patroon: de ene rhizoom in de ketting vormt een bloem, de ander niet. Iedere bloem heeft een levenscyclus van zes dagen, waarin zich de zaaddoos ontwikkelt tot de kegelvormige schijnvrucht. Zodra de bloemblaadjes zijn afgevallen, stopt de ontwikkeling van de vrucht, die afsterft, verhout en uiteindelijk in het water belandt.

De zaaddoos heeft een kegelvorm, waarbij de bodem van de kegel, het vlakke naar boven gerichte deel, de zaden bevat. Deze zijn zo groot als een hazelnoot.

OORSPRONG EN VERSPREIDING

De Heilige lotus komt van oorsprong uit tropisch Azië, maar is ook in koelere gebieden genaturaliseerd, zelfs in Europa, in de meren bij Mantua in Italië

De oudste fossielen van de lotusplant dateren van meer dan 15 miljoen jaar geleden. Er zijn aanwijzingen dat de lotus 5.000 à 6.000 jaar geleden in China gecultiveerd is.

Zowel in het Hindoeisme als in het Boedhisme is de lotus het symbool van van de goddelijke geboorte, de vruchtbaarheid en de reinheid. Natuurlijk heeft de lotus dat afgedwongen met zijn grote schoonheid, rijzend uit de modder, maar van een grote schoonheid op en boven water.

Brahma - de schepper - is geboren uit de lotus die in de navel van Vishnu groeide, wordt in de Mahabharata beschreven. Wanneer Brahma zijn honderd jaren Brahma heeft volbracht, sluit de lotus weer. In het Boedhisme komt de lotus voor in de droom van Koningin Maya. Zij had het beeld van een witte olifant, die haar een lotusbloem aan bood als verkondiging van de geboorte van Gautama Siddharta ( de latere Boeddha).

De lotus komt behalve in Azië ook in Australië en tropisch Amerika voor, onder meer in Suriname. De lotusbloem is het nationeel embleem van Vietnam en Thailand.

De grootste teler is China, waar meer dan 300.000 hectare lotus wordt verbouwd, merendeels op ondergelopen velden en natuurlijke watervlaktes. Ook in Japan wordt lotus verbouwd, vooral in Tsuchiura, in het Kasumigaura meer ten noordoosten van Tokio.

TAALKUNDIGE ASPECTEN, ETYMOLOGIE

Met de lotus worden in het Boedhisme twee plantensoorten bedoeld, de Indische lotus, Nelumbo nucifera, uit equatoriaal Azië en de Egyptische witte lotus of nenuphar, Nymphaea lotus.

De botanische namen geven het verband aan met de oorsprong, want Nelumbo is de naam die de lotus in Sri lanka heeft, en Nymphea is Grieks, net als het woord Middeleeuws-Latijnse nenuphar afkomstig uit het Perzisch, waar nilūfar 'de prachtige' betekent. Het woord lotus werd in het Oude Griekenland gebruikt voor planten in het algemeen waarvan de zaden gegeten werden.

VERTALING LAOS

engels
greater galangal
frans
 
souchet long,
galangade l'inde
italiaans
galanga
spaans
galang
duits
großer galgant
hindi (india)
kulanjan
indonesisch
laos, lengkuas
japans
garanga
vietnamees
riềng ấm
chinees
gao liang jiàng 大高良薑
 
 
kantonees:daai gou loeng goeng
 

BRONVERMELDING UPDATE JANUARI 2018

Superhydrophobic Surfaces Developed by Mimicking Hierarchical Surface Morphology of Lotus Leaf | S.S. Latthe e.a. Molecules 2014, 19(4), 4256-4283; doi:10.3390/molecules19044256 Lotus, The Strength of a Symbol | Pha Tad Ke Botanical Garden, Luang Prabang, Lao Flower Bud Formation of Sacred Lotus (Nelumbo nucifera Gaertn.): A Case Study of ‘Gyozankouren’ Grown in a Container | F. Ishizuna, N. Tsutsumi in HortScience Apr 2014 49: pp 516-518 Lotus | Auburn University literature review Stomata actively regulate internal aeration of the sacred lotus Nelumbo nucifera. | P.G. Matthwes Plant Cell Environment 2014 Feb 37(2):402-13. DOI 10.1111/pce.12163 Contributions to the functional anatomy and biology of Nelumbo nucifera (Nelumbonaceae) I. Pathways of air circulation | S. Vogel, Plant Syst. Evol. 249: 9–25 (2004) DOI 10.1007/s00606-004-0201-8