Het parelhoen
Gevogelte (Numididae)
PARELHOEN
SNIT VAN HET PARELHOEN
HELMPARELHOEN (NUMIDA MELEAGRIS)

PARELHOEN

Parelhoenders (Numididae) zijn omnivoor. Ze voeden zich behalve met granen, groen, zaden en bessen met insecten en kleine gewervelde dieren als muizen en reptielen. Parelhoenders behoren tot de orde van de Hoendervogels (Galliformes, net als de fazantachtigen (Phasianidae), waartoe ook de kwartel behoort.

Het parelhoen is een loopvogel, hoewel het kan vliegen, zoals de kip. Het gedomesticeerde parelhoen stamt af van de wilde soort, de Numida meleagris. De kop is in de regel kaal, soms voorzien van kuif of 'helm', zoals bij het kuifparelhoen en het helmparelhoen, waarvan bovenstaande foto.

Buiten het paarseizoen leven helmparelhoenders het liefst in groepen van wel 25 stuks. Een parelhoen legt eenmaal per jaar, In Afrika in of na het regenseizoen, hier in het voorjaar een legsel tot wel een 20-tal eieren. In het wild worden de vogels 10-12 jaar oud. Parelhoenders, veelal het helmparelhoen, worden vooral om hun vlees gehouden, maar ook de eieren worden gegeten.

OORSPRONG EN VERSPREIDING

Het parelhoen komt van oorsprong uit Afrika. Hij komt vooral voor in het westelijk, centrale en zuidelijke deel van Afrika, zowel gedomesticeerd als in het wild. Er zijn op de wereld zes rassen, met vele ondersoorten.

Parelhoenders zijn afgebeeld op Egyptische hiërogliefen, op afbeeldingen uit de Griekse en Romeinse tijd en op afbeeldingen uit de Middeleeuwen. Eén van de oudste recepten is dat van Apicius in De Re Coquinaria voor Numidische parelhoen, dat eerst gekruid en gekookt wordt, daarna geroosterd en wordt opgediend met dadels, noten en honing. De Romeinen schijnen overigens dol op de eieren geweest te zijn.

In Europa eten we parelhoenders sinds de Middeleeuwen. De eerste parelhoen-houderijen zijn in de 15e eeuw in Frankrijk onstaat, nog altijd het belangrijkste parelhoen-land. In Europa zijn op beperkte schaal parelhoenders in het wild voor, onder andere in het zuiden van Frankrijk en in het Verenigd koninkrijk, waar eeuwenlang op de vogel gejaagd is.

In het westen van Afrika komen veel parelhoenders voor. In Nigeria bijvoorbeeld leeft de helmparelhoen (Numida meleagris) in het wild in de half-open habitats van de savannes, en de semi-woestijnen. De Guttera edouardi, een kroonparelhoensoort, leeft er - ook in het wild - in het zuidelijk bosgebied. Beide soorten worden ook gehouden. In delen van Agrika wordt op het parelhoen gejaagd, onder meer in Zuid-Afrika en Zimbabwe. In Europa niet meer.

TAALKUNDIGE ASPECTEN, ETYMOLOGIE

Ons woord parelhoen is een leenvertaling van het Duitse Perlhuhn. De vogel is zo genoemd omdat de lichte stippels op het verenkleed aan parels doen denken. Het Engelse guineafowl verwijst net als het Spaanse gallina de guinea naar de oorsprong van de vogel, de Afrikaans-Guinese kuststrook.

In het Frans en Portugees wordt het woord pintade gebruikt (geschilderd/gestippeld), zoals in de woordcombinatie 'poule pintade', in het Nederlands verkort tot 'poelepetaat', een sterk verouderd woord, net als het woord 'stipkippen'. Volgens Van Dale is de juiste benaming 'parelhoen', niet parelhoender, hoewel het meervoud - wel degelijk - parelhoenders is.

VERTALING PARELHOEN

engels
guinea fowl, gleany
frans
pintade
italiaans
faraona
spaans
gallina de guinea
duits
perlhühn
indonesisch
ayam guinea
japans
ホロホロチョウ科
vietnamees
họ gà phi
chinees
zhu ji 珠雞
kantonees
zyu gai
 

PARELHOENDEREN

Parelhoenderen worden onder meer onder het Franse Label Rouge verkocht.

AGELASTES MELEAGRIDES

Het Kalkoenparelhoen is een bedreigd ras, dat voor komt in de beboste subtropische bossen van West-Afrika. Karakteristiek is zijn kale, rode kop.

AGELASTES NIGER

Net als het kalkoenparelhoen heeft het Zwarte parelhoen een kale, rode kop, met een plukje veren erop. Hij is niet bedreigd, en is inheems in grote delen van Centraal-Afrika.

GUTTERA PUCHERANI

In Afrika leven vijf soorten Kroonparelhoenderen waaronder het Keniase kroonparelhoen, de naamgever van het ras.

GUTTERA PLUMIFERA

Door zijn rechtopstaande kuif onderscheidt het Kuifparelhoen zich van zijn rasgenoten de kroonparelhoenderen. In het wild komt hij voor onder meer in  het noorden en oosten van Congo.

NUMIDA MELEAGRIS

Het Helmparelhoen (Numida meleagris)

ACRYLLIUM VULTURINUM

Het Gierparelhoen is een groepsdier dat in het oosten van Agrika voor komt. Opvalend zijn zijn blauwe veren en het bruine kroontje op zijn kop. Met een gier heeft dit parelhoen niets te maken, ook niet qua verschijning.

HET SNIT

Onder het snit wordt verstaan de manier waarop een dier wordt gesneden. Voor een parelhoen is dat hetzelfde als bij een kip, met dien verstande dat het aanbeveling verdient parelhoen niet te klein te versnijden.

De grootste stukken zijn de suprêmes, de borststukken met omwille van de smaak daaraan nog het eerste botje van de vleugel, maar het sappigst zijn de dijen, waarvoor de poten (bouten) wel ontbeend moeten worden. Het vlees is minder vast dan dat van een kip, dus het snijden van het hoen moet voorzichtig gebeuren, anders trek je het vlees in stukken. Behalve de bouten worden ook de borststukken apart gesneden.

BRONVERMELDING UPDATE AUGUSTUS 2016

Guineafowl, parelhoen | Wikipedia (EN, NL) Nutritionfacts Guinea hen | Nutritiondata.self.com Pullum Numidicum | recept Apicius in De Re Coquinaria Etymologiebank parelhoen/poelepetaat | Etymologiebank.nl (M. Philippa, Etymologisch Woordenboek van het Nederlands) Het parelhoen | Parkvogeltuin