Coontie
Bindmiddel
COONTIE
 
FLORIDA ARRWOROOT (COONTIE) | ZAMIA PUMILA

COONTIE (FLORIDA ARROWROOT)

Coontie-meel wordt gewonnen uit de wortels van de Florida arrowroot (Zamia pumila of Zamia floridana), een palmvaren uit de Zamiaceae-familie.. Je zult het niet (meer) tegen komen, want de commerciële productie, die in Florida plaats vond, is verboden, net als het plukken uit het wild verboden is en niet aan te raden.

De coontie lijkt een kleine palmboom, wordt nog geen meter hoog, hoewel er in Ocala National Forest grotere exemplaren zijn aangetroffen van zo'n 1,5 meter. De bladeren zijn veervormig en kunnen een meter lag zijn. Ze 'ontkrullen', rollen uit, vanaf de top van de stam. De verdikte ondergrondse wortel is een soms vertakte caudex. Alleen de vorm kegelvrucht (strobilus) van de Zamia verraadt het geslacht van de plant, mannelijke vruchten zijn 10-15 cm lang en vormen pollen, de rechtopstaande vrouwelijke kegelvrucht is iets groter, en is bedekt met een fluwelen mantel. Wanneer de vrouwelijke vrucht volgroeid is, breekt deze open en komen er glanzende oranje zaden te voorschijn, sarcotesta genoemd.

De naam arrowroot wordt vaker gebruikt, voor andere planten als de Maranta. Kudzu (Pueraria lobata) bijvoorbeeld wordt wel de Japanse arrowroot genoemd. Canna edulis wordt net als Canna indica tot meel vermalen en 'arrowroot' genoemd. En dan is er nog de Zamia pumila, inderdaad (ooit) ook arrowroot geheten, Florida arrowroot in dit geval.

OORSPRONG EN VERSPREIDING

De Zamia pumila zou van origine voor te komen in het centrale deel van Cuba, het zuiden van Puerto Rico en de Domincaanse republiek.

Paleontologen betwisten dat de plantensoort van daar, door toedoen van de mens noordelijker, specifiek in Florida terecht zou zijn gekomen. Aannemelijker achten zijn dat plant noordelijker groeide, gezien fossiele vondsten in Groenland en in Europa, en dat de plant gedurende de Grote IJstijd naar het zuiden zou zijn verdreven. Bewezen is hoed an ook dat de plant daar al miljoenen jaren voor komt op vrijwel het hele schiereiland Florida, het zuidoostelijk gedeelte van Georgia ten oosten van de Apalachicola Rivier.

De plant groeide tot ver in de 19e eeuw op grote schaal in de Everglades, en de wortel en de deels ondergrondse stengel waren een belangrijke voedselbron voor zowel de Indianen als van meet af aan voor de 'settlers', zelfs voor de soldaten tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog. De coontie werd gebruikt als vervanger voor tarwemeel, er werd brood van gebakken, sofkee van gemaakt (een soort gruwelpap) en het werd gebruikt als bindmiddel.

In Spaanse geschriften uit de 17e eeuw staat beschreven hoe de Timucuan en Calusa indianen de stengel omzichtig bewerkten. Wanneer deze ongecontroleerd fermenteert, komt een uiterst giftige cyanide oplossing vrij. Dat maakt de consumptie van de plant dodelijk, tenzij deze op de juiste manier wordt bewerkt. De Indianen bedachten daarvoor een methode:

“The plant parts contain central nervous system toxins [cycasin] which must be removed before consumption. To make flour, the roots are first chopped into pieces. They are then pounded with a mortar and pestle. The pulp is then washed with water and the starch is allowed to settle to the bottom. Then the water is drained and the remaining paste is left to ferment for several days. At the end of the fermentation process, the starch is set in the sun to dry. When dry, the powdery, cornmeal-like flour is then baked into bread.”

Vanaf 1830 werd coontie-meel in Florida onder de naam Floria arrowroot commercieel geproduceerd. Men noemt het wel de eerste industrialisatie in Florida. De coontieproductie floreerde er, tot de Food and Drug Administration de fabricage in 1925 officieel verbood. De laatste molen werd het jaar erna gesloopt.

In Florida is de gecultiveerde plant een geliefd bodembedekker, die je vaak in de berm ziet staan tussen de torenhoge palmbomen..

TAALKUNDIGE ASPECTEN, ETYMOLOGIE

De soortnaam Zamia betekent pijnpit, en dankt de plant aan de gelijkenis van de zaden met pijnpitten. Het woord coontie betekent meelwortel.

DUURZAAMHEID

De Zamia pumila is opgenomen op de internationale rode lijst van de IUCN is van deze plant vermeld dat er wereldwijd nog 5.000-10.000 exemplaren in het wild groeien, en is daarom in deze lijst opgenomen als "near threatened".

Hij groeit onder meer nog in het nationale park Turquino bij Santiago de Cuba, op Cuba. Door het intensieve verzamelen van de plant voor de zetmeelproductie is de wilde Zamia in Florida vrijwel uitgestorven.

In februari (2015) nog was er een protestbijeenkomst in Miami tegen de bouw van appartementen op een uniek stuk 'rockland' bij Miami waar de coontie nog voor komt. Het protest was gericht tegen de afbraak van de habitat die alleen hier en op de Bahama's voor komt. Er komen 200 planten- en dierensoorten voor, waaronder de zeldzame Alata vlinder (Eumaeus atala) , die zich in Florida louter met Zamia voedt.

BRONVERMELDING UPDATE AUGUSTUS 2016

Florida arrowroot | Wikipedia (EN) Coonties | Orlando sentinel Florida coonties | D.F. Culbert, University of Florida EDIS Coontie courage | Eat the weeds Zamia pumila | IUCN Red List of threatened species 2014.3 Protest agains sale of endangered pine rockland | The Miami Hurricane, 28 februari 2015 The coontie of Florida | T.Broom, Palm & Cycad Societies of Florida The paleobotanical record of Zamia | E. Count, 1952 Hamilton vollege, New York